14 May 2008

dEUS - Vantage Point

Reserveer maar een plekje bovenaan de Belgische hitlijsten: dEUS heeft weer een nieuw album uit. Vantage Point is alweer het vijfde album van de Vlaamse band, en het is de eerste keer dat een album in dezelfde bezetting werd opgenomen als het vorige album. Het album is eigenlijk iets te zwaar en donker om met dit weer op te zetten, maar toch zeker de moeite waard!

Vantage Point laat zich moeilijk vertalen in het Nederlands. Het is op te vatten als een punt of plek die een goed overzicht of perspectief biedt. Het is echter geen album waarop Tom Barman, zanger en tekstschrijver, uitgebreid terugblikt op zijn leven. Zelfreflectie komt wel aan de orde, maar ook heeft Barman kritiek op de maatschappij, vooral in afsluiter ‘Popular Culture’, en zijn er nummers zonder zware thema’s. Waren het op de vorige albums nog vooral Tom Barman en gitarist Mauro Pawlowski die de nummers schreven, op dit album zijn veel nummers door de hele band geschreven. De muziek dan, Tom Barman blijft verantwoordelijk voor de teksten.
Het album begint met het sterke nummer ‘When She Comes Down’. De gejaagde vocalen van Tom Barman zorgen ervoor dat het meteen als een typisch dEUS-nummer klinkt. In combinatie met een sterk refrein dat zorgt voor de nodige rust in het nummer is de toon voor het album meteen gezet. Het tempo blijft hoog bij het volgende nummer ‘Oh Your God’, waarin Tom Barman nog gejaagder klinkt en de gitaren de overhand krijgen. Na deze twee nummers is het tijd om wat gas terug te nemen voor ‘Eternal Woman’, waarbij dEUS wordt bijgestaan door Lies Lorquet van Mintzkov. Het nummer is een rustpunt op het album, maar zonder het momentum van de vorige twee nummers te verliezen.

Het vierde nummer ‘Favourite Game’ is het meest rock & roll van alle nummers op het album. Het begint met een drijvende bas die het hele nummer aanhoudt en het nummer lijkt aan te sturen. Vanaf het begin van het nummer voel je de spanning steeds verder opbouwen, en je voelt een grote finale aankomen. Een finale heeft het nummer, maar op het album is deze niet groots. De potentie is er echter wel om er live een geweldig nummer van te maken.

Dan volgen de twee nummers die al als single zijn uitgebracht: ‘Slow’ en ‘The Architect’. Slow is een sterk nummer met gastvocalen van Karin Dreijer Andersson van The Knife en sterke samenzang van dEUS. Het nummer klinkt net wat elektronischer dan het standaard dEUS nummer, en weet daardoor te boeien. ‘The Architect’ is wat mij betreft het beste nummer van het album. Het nummer gaat over de architect die het flatgebouw heeft bedacht, maar is ondanks dit misschien wat vreemde thema erg toegankelijk.

Na deze twee hoogtepunten van het album, zakt het album een beetje in. Bij de drie nummers die volgen is het moeilijk om je aandacht er nog bij te houden. Werd je bij de vorige nummers nog verrast door sterke refreinen of samenzang, hier lijkt dEUS te compenseren en voor een paar standaard nummers te hebben gekozen. Tekstueel gezien zijn de nummers wel sterk (‘We like the attention, but we hate to be judged’ – Is A Robot), maar zonder een goede muzikale begeleiding missen de nummers toch iets.

De afsluiter van het album ‘Popular Culture’ mag er wel weer zijn. Het nummer is een aanklacht tegen de ‘popular culture’, waar iedereen bij probeert te horen, maar waarbij wij (Belgen, Nederlanders) altijd achter lijken te lopen omdat we niet in The States wonen (‘If you don’t come from the States, you will always be late to be in popular culture’). Het feit dat juist bij dit nummer een kinderkoor wordt ingezet, geeft het nummer net dat beetje extra waardoor het een waardige afsluiter wordt.

Vantage Point is een album dat moet groeien. Na een eerste luisterbeurt springen een aantal nummers (Favourite Game, Slow, The Architect) er meteen uit, maar na het album de tijd te hebben gegeven beginnen bijna alle nummers hun eigen leven te leiden. Het is geen album om gezellig op de achtergrond op te zetten, zeker niet met dit weer, maar wel zeker een keer het beluisteren waard.

Track list ‘Vantage Point’:
1. When She Comes Down
2. Oh Your God
3. Eternal Woman
4. Favourite Game
5. Slow
6. The Architect
7. Is A Robot
8. Smokers Reflect
9. The Vanishing Of Maria Schneider
10. Popular Culture

5 May 2008

MGMT bewijst zichzelf

Twee maanden geleden stond MGMT al in de kleine zaal van Paradiso, vanavond staan ze voor een uitverkocht Doornroosje. Of ze er in die twee maanden op vooruit zijn gegaan mogen we ontdekken in een bijna anderhalf uur durende set waarin het hele album voorbij komt. En wat zijn ze gegroeid in die korte tijd!

Florence and the Machine openen voor MGMT. Zodra Florence het podium op komt gedanst in een jurk die van het bloemetjesgordijn van haar oma zou kunnen zijn gemaakt is de toon gezet. Als ze dan ook nog begint te zingen ben ik meteen verkocht. En dat is nog voor ze haar cover van het Cold War Kids nummer ‘Hospital Beds’ inzet. Het hele optreden lang danst ze over het podium en drumt ook nog wat mee. Het enthousiasme spat er van af. Aan het eind van de set geeft ze haar zelfgemaakte bloemenketting nog weg.

De zaal is goed vol als MGMT het podium opkomt. MGMT bestaat eigenlijk maar uit twee personen, maar live staan ze met z’n vijven op het podium. Ten opzichte van hun optreden in Paradiso heeft er een kleine verandering plaatsgevonden: de drummer is nu gitarist, en er is een nieuwe drummer voor in de plaats gekomen. Dit doet hun stage performance veel goed: in tegenstelling tot Andrew VanWyngarden en Ben Goldwasser gaat deze man namelijk vanaf het begin helemaal op in de muziek.

Een groot deel van het publiek lijkt te zijn afgekomen op de single ‘Time To Pretend’ die inmiddels een bescheiden hitje is geworden. De mensen die zijn afgekomen op de elektronische sound van MGMT komen echter bedrogen uit: live is MGMT een echte gitaarband. En dat maken ze vanaf het eerste nummer ‘Weekend Wars’ duidelijk. Er wordt natuurlijk uitgebreid gebruikt gemaakt van de synthesizer, maar het gitaargeweld overwint dit geluid met gemak. Behalve meer gitaren in de nummers, spelen ze ook lange intro’s en outro’s die zeker iets toevoegen aan het optreden. In Paradiso deden ze dit ook al, maar nu met de drummer op gitaar komen deze gitaarsolo’s nog meer tot hun recht.

Halverwege het optreden, als Andrew de bloemetjesketting van Florence aan zijn gitaar heeft gehangen, lijkt hij wat meer los te komen. Als dan langzaamaan ook meer mensen in het publiek gaan meebewegen op de muziek lijkt hij zich steeds zekerder te gaan voelen en begint hij ook echt op te treden in plaats van alleen muziek te maken. Hij kan zelfs lachen als hij ziet dat ‘Electric Feel’ vol overgave wordt meegezongen door een groepje meisjes voor het podium.Vooral dankzij het publiek wordt dit nummer het hoogtepunt van de set. Na dit nummer spelen ze nog een b-kant, die niet op al te veel enthousiasme kan rekenen.

Natuurlijk komen ze nog terug voor een encore, en wat voor een! Net als in Paradiso beginnen ze de encore met een instrumenten wissel. De gitarist, die in Paradiso nog drummer was, blijkt ook nog te kunnen gaan met synthesizers. Ben Goldwasser neemt voor één nummer de gitaar voor zijn rekening. Ze verrassen het publiek met een cover van Cyndi Lauper: Girls Just Wanna Have Fun. Goed, Andrew heeft een spiekbriefje nodig voor de tekst en staat met zijn rug naar het publiek te dansen, maar hij danst wel! De avond sluiten ze af met soort karaoke-versie van ‘Kids’. Twee van de drie bandleden verlaten het podium, ze zetten de achtergrond muziek aan, en Andrew en Ben zingen het nummer terwijl de gitarist/drummer/toetsenist nog een stukje meespeelt op zijn gitaar. Nu Ben naast hem staat lijkt Andrew zich eindelijk helemaal te geven, en krijgt het optreden het einde dat het verdient.

Vanaf het begin van het optreden was de sound van de band perfect, het duurde alleen even voordat ze zelf ook lieten blijken te genieten van het optreden. Met iemand als Florence in hun voorprogramma, richten ze wel de aandacht op hun, wat mij betreft, enige zwakke punt: hun stage performance. In twee maanden tijd zijn ze echter al erg gegroeid, en ik ben benieuwd hoe ver ze nog door zullen groeien.

1 May 2008

London Calling Queensday

Koninginnedag hoor je in de hoofdstad te vieren. Terwijl de grote meute op het Museumplein te vinden is om Jan Smit weer te horen zingen (ja, hij heeft zijn stem weer terug…), komen de echte muziekliefhebbers een stukje verder bij elkaar voor de 3e dag van London Calling: London Calling goed Queensday!

Voor mij begint het festival met Peggy Sue and the Pirates. De twee dames uit Brighton komen een beetje verlegen het podium van een halfgevulde kleine zaal opgelopen. Die verlegenheid verdwijnt echter als sneeuw voor de zon wanneer ze beginnen te zingen. Begeleidt door slechts een akoestische gitaar en verschillende meegebrachte attributen brengen ze het publiek dat al wel aanwezig is in vervoering. De nummers doen een beetje denken aan Kate Nash, maar dan met wat meer venijn. Dat komt vooral goed naar voren in het nummer ‘Television’.

Dan op naar Cheeky Cheeky and the Nosebleeds die het programma in de grote zaal openen. De zaal is nog niet half gevuld, maar dat deert de 5 heren niet. Van het begin af aan gaat vooral de zanger er echt voor. Er ontstaat zelfs een bescheiden pit: niet alleen kwam omvang, maar ook wat betreft het gedrag. De fotografen voor het podium worden door de fanatiekelingen ontzien. En een fanatiekeling moet je wel zijn om te pitten op de muziek van deze band. Al na een paar nummers begint alles op elkaar te lijken. De energieke en vrolijke muziek van Cheeky Cheeky and the Nosebleeds weet zelf de pit niet meer te boeien, die daarom maar overgaan op een stage invasion om zichzelf bezig te houden. Leuk als voorprogramma voor ¡Forward Russia!, maar meer ook niet.

Want dat is de volgende band die zijn opwachting maakt in de grote zaal. Het viertal uit Leeds heeft net een nieuw album uit: Life Processes. Maar eigenlijk moet je ¡Forward Russia! niet van een album horen, maar gewoon live. Vanaf de eerste noot van ‘Thirteen’ waarmee ze hun set openen stuift zanger Tom over het podium. De microfoonstandaard wordt alleen gebruikt als hij zijn handen even vrij moet hebben om wat te drinken; de rest van het optreden vliegt de microfoon door de lucht en om zijn nek. Het inmiddels toegestroomde publiek gaat mee in het enthousiasme van de zanger. En hoewel het erg onwaarschijnlijk klinkt wordt er door enkelen zelfs meegezongen met de nummers. Hoogtepunten van de set blijven de oude nummers als ‘Nine’, maar ook met de nieuwe nummers maken ze indruk. Zo bewijzen ze met hun afsluiter dat ze zelfs een rustig nummer kunnen brengen, al is het wel jammer dat ze dit als afsluiter doen.

Omdat Koninginnedag toch vooral een Nederlands feestje is, zijn op deze dag ook een aantal bandjes van eigen bodem gepland. The Stutters, Scram C Baby en Bettie Serveert. Van deze 3 zie ik alleen Bettie Serveert. Ze spelen in een goed gevulde kleine zaal. Het is wel meteen te merken dat Bettie Serveert eigenlijk niet thuis hoort op London Calling: de gemiddelde leeftijd vliegt omhoog en het publiek blijft het hele optreden lang stil staan. Niet dat dit een slecht iets is, maar of het op London Calling past is maar de vraag. Het is in ieder geval leuke muziek om even bij te komen van ¡Forward Russia! en je op te maken voor The Courteeners.

The Courteeners: ze stonden al op de voorpagina van NME en worden regelmatig genoemd als de opvolgers van Oasis. Thuis in Manchester staan ze al voor uitverkochte zalen, nu hebben ze de kans om ook Amsterdam te veroveren. Dat lukt ze echter niet. Al snel beginnen de nummers op elkaar te lijken en beginnen ze een beetje te vervelen. The Courteeners trekken zich daar echter niets van aan en blijven overtuigd door spelen. Op het moment dat de verveling echt lijkt toe te slaan weten ze echter iedereen weer bij de les te krijgen met de afsluiters ‘Not nineteen forever’ en ‘What took you so long’. Door deze singles lijken ze een bandje te zijn dat net wat meer in huis heeft dan het standaard britpop bandje. Als ze wat meer van dit soort nummers zouden schrijven, zouden ze het wel eens ver kunnen schoppen.

De afsluiters van de avond zijn The Young Knives. Omdat veel mensen de laatste trein nog moeten halen is de zaal weer een stuk leger, maar dat mag niet deren: de mensen die er nog zijn hebben er nog zin in! The Young Knives zijn met z’n drieën, en staan op het podium zo ver uit elkaar dat je je bijna afvraagt of ze wel bij elkaar horen. De postpunk die ze spelen slaat echter wel aan en ze zijn dan ook een waardige afsluiter van de avond. Een minpunt is dat de gitaar zo hard staat dat je soms alleen weet dat er gezongen wordt omdat je de mond van de zanger open en dicht ziet gaan. Omdat ook ik de trein nog moet halen, hoor ik hun single ‘Up all night’ vanuit de garderobe. Ja, niet iedereen kan de hele nacht opblijven.

16 April 2008

dEUS: en Hij zag dat het goed was

dEUS, in eigen land al jaren wereldberoemd, in Nederland geliefd bij een beperkt maar loyaal publiek. Daarom was ook dit concert dan ook binnen de kortste keren uitverkocht, net als de andere optredens van de Vlaamse band in Nederland. Golden die andere optredens nog als try-out, deze keer gaat dEUS er echt voor.

In het voorprogramma staat het Brusselse bandje The Black Box Revelation. Zoals wel meer bandjes de laatste tijd, bestaat The Black Box Revelation uit twee personen: een gitarist en een drummer. Hoewel ze nog erg jong zijn (16 en 18!), weten ze hun nummers wel te verkopen. Op Studio Brussel hebben ze zelfs al twee kleine hitjes gehad met ‘I Think I Like You’ en ‘Gravity Blues’. Zelf omschrijven ze hun muziek als Blues/Rock, zeker een keer het beluisteren waard! Minpunt van hun optreden is wel dat het geluidsniveau veel te hard is.

Het duurt even voordat dEUS het podium betreedt. Verschillende keren wordt de muziek zachter gedraaid (al zou dat ook aan mijn doofheid na The Black Box Revelation kunnen hebben gelegen), maar pas bij de 4e keer betreden de mannen van Tom Barman onder luid gejuich het podium.
Tom Barman lijkt er deze avond zin in te hebben, en als Tom Barman er zin in heeft, wordt het een goed optreden. Bij vlagen is het zelfs geweldig. De nummers van het nieuwe album ‘Vantage Point’, dat komende week uitkomt, liggen nog niet helemaal goed in het gehoor. De twee singles ‘Slow’ en ‘The Architect’ zijn echter al wel bekend bij het publiek. Het nummer ‘Slow’ waarbij Karin Dreijer Andersson op het album meezingt, is live iets minder. Dat komt vooral omdat door het gemis van de zangeres. In de live-versie wordt haar plaats ingenomen door de drummer. Het klinkt goed, maar mist toch net dat scherpe randje dat Karin toevoegt op de single-versie. ‘The Architect’ klinkt live echter geweldig. Het nummer lijkt zich meteen bij de rest van de klassiekers van dEUS te kunnen scharen.
“Op het podium is Tom Barman god”

Behalve nummers van het nieuwe album worden natuurlijk een aantal oudere nummers afgewerkt zoals ‘Roses’ en mijn persoonlijke favoriet ‘What We Talk About’. Op een enkeling na blijft het publiek met beide benen op de grond staan. Maar gezien de gemiddelde leeftijd van het publiek is dit niet zo gek. dEUS gaat inmiddels alweer ruim 10 jaar mee, en de fans dus ook.

Op het podium is Tom Barman god. Hij geeft constant aanwijzingen aan de geluidstechnici en de rest van de band. Maar als iemand dit kan doen zonder een verkeerde indruk te wekken, dan is Tom Barman het wel. Alles voor de muziek, het moet perfect klinken, lijkt de gedachte hierachter te zijn. Een enkele keer probeert iemand uit het publiek contact te zoeken met de frontman. Goedlachs gaat hij hierop in, maar lijkt zich wel in te houden. Mensen komen tenslotte voor de muziek, niet voor een goed gesprek.

Bij dEUS weet je het nooit: de ene keer is het geweldig, de andere keer komt het gewoon niet van de grond. Na een set van bijna anderhalf uur (en natuurlijk nog een toegift), bleek dEUS vandaag in ieder geval een goede dag te hebben. Gelukkig.

29 March 2008

I Am Kloot

I Am Kloot, een naam waarmee je zeker in Nederland de aandacht weet te trekken. In een uitverkocht Doornroosje kreeg de band de kans om te laten zien dat ze meer te bieden hebben dan alleen een spraakmakende naam. De drie heren uit Manchester, op het podium bijgestaan door 2 extra muzikanten, grepen hun kans en wisten de hoge verwachtingen van het publiek waar te maken.

Aan Pien Feith de taak om het publiek voor deze band op te warmen. Hoewel ze begonnen is als soloartieste, heeft ze inmiddels een hele band om zich heen verzameld. Het voegt zeker iets toe aan haar nummers, al blijkt ze het er alleen ook goed van af te brengen. Hoewel het publiek rustig door haar optreden heen blijft kwekken, blijkt ze toch te genieten van haar optreden in Nijmegen.

Eigenlijk zou I Am Kloot afgelopen december al in Doornroosje gestaan hebben. Een keelontsteking bij de zanger zorgde er toen echter voor dat het concert uitgesteld moest worden. Deze extra wachttijd zorgde er wel voor dat Doornroosje helemaal uitverkocht was, wat weer tot hoge verwachtingen leidde.
Onder luid gejuich betreedt de band uiteindelijk het podium. Het publiek, dat wat ouder is dan het publiek bij een gemiddeld concert in Doornroosje, is duidelijk erg enthousiast. Helaas kunnen ze niet meteen beginnen met spelen. De bassist van de band (Peter Jobson) is namelijk zijn sigaretten kwijtgeraakt, en als verstokte roker heeft hij toch echt sigaretten nodig om deze avond door te komen. Meteen wordt gehoor gegeven aan deze ‘oproep’ en de pakjes sigaretten vliegen richting het podium. De rest van de avond werkt Peter er zeker twee pakjes sigaretten doorheen. Je zou je al zorgen gaan maken hoe het met deze band moet na 1 juli, als het rookverbod in de horeca ingaat…
Maar genoeg over de rookgewoonten van Peter, het gaat natuurlijk om de muziek. Zodra zanger John Bramwell zijn voet op zijn bierkratje heeft gezet kan het optreden echt beginnen. Er wordt veel afgewisseld tussen oude nummers en nummers van het nieuwe album ‘I Am Kloot Play Moolah Rouge’. Vooral de oude nummers kunnen op veel enthousiasme van het publiek rekenen, al wordt er ook gejuicht bij iedere ‘This is a new song’ van zanger John.
‘Quiet is the new loud’, dat riep NME bij het eerste album van I Am Kloot. De beschrijving ‘Quiet’ lijkt echter niet meer helemaal te passen bij I Am Kloot, zeker niet wat betreft het aantal decibellen. Door de 2 extra muzikanten op het podium lijken ze nog meer afstand te doen van deze uitspraak. Het doet echter niets af aan de kwaliteit van de nummers. In combinatie met het karakteristieke stemgeluid van zanger John weten ze de nummers zeker over te brengen.
Na een lange set van bijna anderhalf uur komt het einde van de avond toch in zicht. De set wordt afgesloten met de twee bekendste nummers van de band: ‘Proof’ en ‘Life in a Day’. Al vanaf de eerste akkoorden worden deze nummers herkend door de fans in het publiek. Er wordt zelfs bewogen op deze nummers! Natuurlijk volgt er nog een toegift. Deze begint met een kort nummer dat door zanger John alleen wordt gebracht. De rest van de band komt er nog even bij voor de laatste nummers (en nog een pakje sigaretten voor de bassist), maar dan is het toch echt voorbij.
I Am Kloot speelde een lange gevarieerde set, waarmee ze de verwachtingen bij het publiek geheel inlosten. Het is misschien niet de meest toegankelijke muziek, maar met nummers als ‘Proof’ weten ze toch een breed publiek te bereiken. Mocht je zelf iets van I Am Kloot willen horen: het nieuwe album ‘I Am Kloot Play Moolah Rouge’ staat op dit moment in de luisterpaal van 3voor12.

14 February 2008

Okkervil River

Stel: je wilt naar een concert, maar het is al uitverkocht, wat doe je dan? Eén mogelijkheid is natuurlijk om reporter te worden bij Jimmy Alter, een andere is om een band te beginnen en te zorgen dat je in het voorprogramma van de desbetreffende band komt te staan. Dat laatste idee gebruikte Neonbelle.

Neonbelle, dat ontstaan is uit het “In a cabin with” project, verzorgt deze avond dus het voorprogramma, en wat voor een voorprogramma! Met een stem die doet denken aan Björk weet zangeres Pien Feith het publiek om haar vingers te winden. Voeg daar nog wat bliepjes en piepjes aan toe die nog meest het lijken op Radiohead uit de Kid A periode, wissel dit af met een orgel à la The Arcade Fire en je hebt Neonbelle. En Neonbelle is ‘hot’, als je tenminste kijkt naar het aantal fotografen voor het podium, het lijkt de hoofdact wel!

Maar de hoofdact van de avond is natuurlijk Okkervil River, een zeskoppige band uit Texas. Deze avond in Nijmegen is de laatste van de tour om het laatste album ‘The Stage Names’ te promoten. Zelf heb ik nog nooit van deze band gehoord, maar aan het gejuich bij de opkomst te horen, heeft deze band toch een schare trouwe fans. Contact met deze fans komt echter niet tot nauwelijks tot stand, met uitzondering de drummer (Travis Nelsen) die naar iedereen lacht die hem aankijkt. Af en toe kan er nog een kort ‘Thank you’ na een nummer van af, maar daar blijft het dan ook bij. De verschillende nummers, vooral van het laatste album, worden serieus door alle bandleden gespeeld, er kan geen lachje van af (weer met uitzondering van de drummer).

De muziek, die zich nog het beste laat omschrijven als folk/indie rock, klinkt echter perfect. Als de toetsenist (geef hem een oorbel en hij kan zo invallen voor Elthon John) zijn gitaar erbij pakt, klinkt het zelfs even als The Beach Boys.
Het midden van de set bestaat uit een aantal rustige nummers. Bij deze nummers wordt de zaal zo stil dat tijdens de breaks zelfs het ruisen van de airco te horen is, iets wat ik nog nooit meegemaakt hebt.

Na ongeveer drie kwart van de set beginnen de nummers een beetje op elkaar te lijken, al kan dat ook komen omdat het niet helemaal mijn muziek is. Gelukkig wordt dan eindelijk het nummer ‘Our Life Is Not A Movie Or Maybe’ gespeeld. Een nummer dat niet alleen niet bij de rest lijkt te passen omdat ik het wél goed vind, maar ook omdat de hele band opeens lijkt te veranderen. Er wordt gelachen en ze lijken opeens plezier te hebben in het optreden. Er staat gewoon een andere band op het podium. Deze verandering blijft tijdens de laatste nummers die worden gespeeld, waardoor ik het concert toch beter ga vinden. Zanger Will Sheff praat zelfs tegen het publiek.

De overgrote meerderheid van het publiek lijkt zich echter niet geërgerd te hebben aan de performance van Okkervil River: na het laatste nummer barst er zo’n groot applaus los dat er zelfs twee keer een toegift gegeven wordt. Hierbij wordt nog even alles uit de kast getrokken: inclusief een accordeon en een trompet.
Hoewel het niet helemaal mijn muziek was, vond ik het een goed concert. Al moet ik stiekem toegeven dat ik het voorprogramma Neonbelle misschien wel beter vond…

14 January 2008

Newton Faulkner

Een man en een gitaar, wat wil je nog meer? Nou, wat te denken van aliengeluiden, Viking vampieren met hondsdolheid die na 20 jaar huisarrest eindelijk weer naar buiten mogen van hun ouders en natuurlijk SpongeBob Squarepants? Eigenlijk zou je onmiddellijk moeten stoppen met het lezen van deze review en meteen een kaartje gaan kopen om Newton Faulkner zelf live te beleven.

Newton Faulkner live is veel meer dan alleen goede muziek, het is een complete belevenis. Met dansjes (zonder beenbewegingen, want dan zou het pas echt een chaos worden), meezingmomenten en verhalen over vrijwel elk nummer dat hij speelt weet hij vanaf het begin te boeien.
Maar wat nog het meest opvalt is zijn geweldige gitaarspel. Ik dacht zelf wel een beetje gitaar te kunnen spelen, maar na vanavond Newton Faulkner te hebben gezien, moet ik die woorden toch echt terugnemen. Waarom zou je alleen de snaren gebruiken als je ook nog een hele klankkast hebt met voor-, achter- en zijkanten? Of waarom zou je die capo een heel nummer lang op dezelfde plek laten staan als je ‘m ook gewoon halverwege kunt verplaatsen? Je begint je echt af te vragen waarom bands toch uit meerdere personen moeten bestaan als je hoort wat voor geluid Newton in zijn eentje produceert.

Maar Newton was natuurlijk niet de enige die deze avond op het podium stond. Het voorprogramma werd verzorgd door Dearhunter, die voor de gelegenheid alleen op het podium stond. Met rustige, ongecompliceerde songs wist hij mij en nog wat andere mensen voor in de zaal te overtuigen. Helaas namen veel mensen achter in de zaal de affiches waarop om stilte tijdens de show werd gevraagd niet erg serieus en kletsten ze er lustig op los. Toen Newton eenmaal op het podium kwam leek deze stilte toch eindelijk aan te breken. Het mocht jammer genoeg maar een paar nummers duren. Er moest iemand die riep of ‘iedereen even kon stoppen met kletsen omdat hij die meneer wilde horen’ aan te pas komen voor het pas echt stil werd in de zaal. En terecht.

Behalve zijn eigen nummers heeft Newton ook een aantal geweldige covers. Die heeft hij te danken aan een radioprogramma waarin hij zou optreden, en 3 dagen voor dat optreden te horen kreeg dat hij ook geacht werd een cover te spelen. Tot dat moment had hij nog nooit een nummer gespeeld dat hij niet zelf had geschreven. Daaruit vloeide uiteindelijk zijn cover van Teardrop voort, maar niet voordat hij ook No limits van 2 Unlimited, dat liedje van Ice Age waarvan niemand de tekst kent en Bohemian Rhapsody had uitgeprobeerd. Alle covers komen even langs, en dan ga je je toch afvragen hoe het zou klinken als iemand een nummer van Newton Faulkner zou coveren. Nou, ook daar heeft Newton een antwoord op: Dream catch me als Kings of Leon het zouden zingen. Volgens mij kunnen ze het zelf niet beter.

Na even achter een box te hebben gestaan (want waarom zou je helemaal van het podium afgaan, iedereen weet toch dat je weer terug komt?), speelt Newton nog een korte toegift, met hulp van het publiek dat het nummer Billy moet meezingen (mannen en vrouwen natuurlijk een verschillende stem). Dan komt er toch echt een einde aan de avond met Bohemian Rhapsody, dat natuurlijk massaal wordt meegezongen want wie kent dat nummer nou niet?

Kortom: een geweldige avond. Als je de kans krijgt, ga het dan zeker zien. Dit is echt iets dat je niet wilt missen, als is het maar voor SpongeBob Squarepants.

10 December 2007

Saybia

Voor een aantal mensen begon het sinterklaasfeest een dag eerder dit jaar: Saybia speelde namelijk in Paradiso. Het concert was binnen 2 uur uitverkocht, en dat leverde lange wachtrijen voor de deur en een afgeladen Paradiso op. Het lukte de mannen van Saybia deze zaal op hun sloffen plat te spelen.

En dan ook letterlijk op hun sloffen. Zanger Søren Huss betrad het podium namelijk op dit gemakkelijke schoeisel. Maar dat deed hij niet voordat Grand Avenue het voorprogramma had verzorgd. Deze vijfkoppige Deense band wist het publiek te boeien met hun energieke nummers. De zanger maakte veel contact met het publiek, en wist te vertellen dat hij graag nog een keer terug zou komen naar Nederland.
Na Grand Avenue wat het toch echt tijd voor Saybia. Onder luid gejuich betrad de band het podium en meteen werd het eerste nummer ‘The end of blue’ ingezet. De set bestond vooral uit nummers van het laatste album ‘Eyes on the highway’, die zo nu en dan werden afgewisseld met wat oudere nummers. Na een paar nummers gespeeld te hebben kondigde Søren aan dat gitarist Sebastian Sandstrøm graag het nummer ‘Joy’ wil spelen. En na een geweldige gitaarsolo was duidelijk waarom. Tijdens de rest van de set volgden nog een aantal goede gitaarsolo’s, die ik zelf niet echt had verwacht bij een band als Saybia, maar toch goed bij de muziek pasten.
Een andere verrassing was het nummer ‘Untitled’, de bonustrack van hun vorige album. Het nummer duurt op het album bijna 18 minuten, live werd het jammer genoeg iets ingekort. Maar ook ingekort blijft het een geweldig nummer.
De nieuwe nummers werden door de echte fans woord voor woord meegezongen. Maar dat was niets vergeleken met nummers als ‘The second you sleep’, dat door de hele zaal luidkeels werd meegezongen. Dat zorgde voor een echt kippenvelmoment. Saybia zorgde echter niet alleen voor kippenvelmomenten: het volgende nummer dat werd ingezet was ‘Godspeed into the future’, waar zelfs op gesprongen werd. Iedereen werd dan ook meegezogen in de geweldige sfeer die ontstond in de grote zaal. Vooral bij de rustigere nummers kon je zien dat het publiek gewoon stond te genieten.

Toch bleef er ook wat te klagen over. Tijdens het hele concert bleef de rookmachine aanstaan, wat er niet alleen voor zorgde dat de drummer en bassist niet te zien waren, na een uur begon dat ook wel op je adem te slaan. Ook was het jammer dat de bas soms te hard was. Vooral bij de rustigere nummers, de sterke kant van Saybia, had de rest van de band moeite om hier bovenuit te komen.

Wat wel leuk was, was dat ze foto’s maakten van het publiek, die dan op het projectiescherm achter de band werden geprojecteerd. Het was de bedoeling dat het publiek van het vorige concert zo de groeten deed aan het huidige publiek. Bedankt dus voor de groeten Groningen!
Na een overdonderend applaus werd nog een toegift ingezet van 5 nummers. Hoogtepunten hierbij waren ‘Haunted house on the hill’ waarbij toetsenist Jess Jenson een stukje accordeon meespeelde en natuurlijk de afsluiter ‘The day after tomorrow’.

Ondanks een paar kleine minpuntjes wat het een zeer geslaagd concert. Saybia bedankte het publiek door te vertellen dat de Nederlandse fans toch wel de meest toegewijde zijn en dat ze er naar uit kijken om terug te komen.

4 December 2007

Rooney

Drie keer is scheepsrecht, dat spreekwoord weten de 5 heren van Rooney meer dan waar te maken met hun tweede album, dat pas bij de derde poging ook daadwerkelijk uitkwam. Om dat tweede album, Calling the World, te promoten kwam Rooney al voor de tweede keer dit jaar naar Nederland. En ze lieten het Californische zonnetje schijnen in het regenachtige Nijmegen!

Maar voordat Rooney op het podium verscheen, deed de Nederlandse band 01 (spreek uit: zero one) een poging het publiek op te warmen. Dit lukte ze echter niet. Al bij het derde nummer was het grootste gedeelte van het publiek afgehaakt, en het lukte ze niet de aandacht weer terug te winnen. Dit gaf de meisjes die bij dit concert weer in grote getalen waren komen opdagen wel de gelegenheid om met z’n allen vooraan te gaan staan.

De sfeer slaat echter om zodra de lichten uitgaan en Rooney het podium betreed. Vanaf het eerste nummer is het duidelijk waarom de zaal vanavond uitverkocht is. De vrolijke nummers en energie van vooral de zanger Robert Schwartzman krijgen niet alleen de meisjes vooraan aan het dansen.
De heren van Rooney hebben deze avond ook een speciale gast meegenomen. Zanger Robert loopt het podium op met een laptop in zijn handen, waarop een man te zien is die vrolijk naar ons zwaait. Na het eerste nummer legt hij ons uit dat dit John Fields is, de producer van hun tweede album. Na nog een paar keer zwaaien gaat de laptop dicht en verdwijnt John weer van het podium.

Na een paar nummers van hun nieuwe album te hebben gespeeld vraagt Robert wie in het publiek hun eerste album kent. Een enthousiast gejuich volgt. Hierna wordt het nummer ‘I’m a terrible person’ ingezet, dat door veel mensen meteen wordt meegezongen. Er worden nog enkele nummers van het eerste album gespeeld, zoals ‘That girl has love’ en ‘I’m shakin’’, maar die nummers zijn niet de reden waarom de zaal is uitverkocht.
Wanneer na bijna een uur spelen dan eindelijk ‘When did your heart go missing’ wordt ingezet, komt het publiek pas echt los. En deze keer gaat echt iedereen mee, ook achterin de zaal, waar de gemiddelde leeftijd en het aantal mannen vele malen hoger is dan voor bij het podium. Nog voordat de mannen het podium verlaten hebben na het spelen van dit nummer, wordt al ‘we want more’ geroepen. De band is dan ook binnen een minuut weer terug op het podium, met mededeling dat ze nog 2, of nee 3 nummers zullen spelen! Na een cover van de Beach Boys (die voor de verandering vooral achter in de zaal wordt meegezongen) vertelt Robert ons dat ze toch 4 nummers zullen spelen. Hij weet ons ook nog te vertellen dat de nieuwe single ‘I should’ve been after you’ in januari uit zal komen, en dat ze nog een keer terug zullen komen naar Nederland. Vanwege het gejuich dat op dit nieuws losbarst is het een beetje moeilijk te verstaan, maar ik dacht te horen dat ze in maart zouden terugkomen. Na een set van bijna anderhalf uur zit het er dan toch echt op, en met luid applaus verlaat de band het podium. De sfeer en de nummers blijven echter hangen en het publiek gaat met een goed gevoel naar huis.